×

Top 10 Beste Nederlandse Voetballers Aller Tijden

Naarmate de voetbalsport in de wereld een steeds professioneler karakter begon te krijgen, kreeg Nederland er naast kaas, klompen en windmolens nog een vierde exportproduct erbij. Tal van Nederlandse profvoetballers bleken namelijk over talenten te beschikken, die buitenlandse clubs erg aantrekkelijk vonden.

Hierdoor zijn een behoorlijk aantal vaderlandse spelers door de jaren heen internationaal bekende sporthelden geworden. In deze toplijst presenteren we dan ook trots de 10 beste Nederlandse voetballers aller tijden.

1. Johan Cruijff

Knoop in het buitenland een praatje met een wildvreemde aan over voetbal en laat je daarbij doorschemeren dat je Nederlander bent, dan komt het gesprek vrijwel vanzelf op Johan Cruijff uit. Dit Nederlandse toptalent geniet namelijk nog steeds wereldwijde bekendheid onder voetbalfans.

En dat is niet zo vreemd, want de profcarrière van Cruijff is absoluut indrukwekkend. Hij begon in 1964 bij Ajax, waar hij negen opeenvolgende jaren de sterren van de hemel speelde. Zijn talent was ook bij FC Barcelona niet onopgemerkt gebleven. Na stevige onderhandelingen met Ajax kwam een transfer naar deze Spaanse club tot stand.

Uiteindelijk zou Cruijff vijf seizoenen voor de Spanjaarden uitkomen. Daarna begon hij aan een Amerikaans avontuur en kwam hij achtereenvolgens uit voor de Los Angeles Aztecs en de Washington Diplomats. De laatste jaren van zijn voetbalcarrière was Cruijff echter weer gewoon op de Nederlandse grasmat te vinden. Vanaf medio 1981 speelde hij nog twee seizoenen bij Ajax en één (afsluitend) seizoen bij Feyenoord.

2. Marco van Basten

Net als Frank Rijkaard is Marco van Basten tijdens zijn profcarrière als voetballer altijd een behoorlijk honkvaste speler gebleven. Hij maakte in 1981 zijn debuut bij Ajax, waar hij vervolgens zes jaar lang bleef voetballen.

Daarna maakte hij zijn enige internationale overstap en kwam hij acht jaar voor AC Milaan uit. Beide teams hebben door de jaren heen behoorlijk van de doelpuntenregen van Van Basten geprofiteerd.

Voor Ajax scoorde hij in totaal 128 keer en voor AC Milaan 90 keer. Van Basten was ook een van de sterspelers tijdens de EK-finale in 1988. Tijdens zijn profcarrière deed hij voor Nederland aan 58 interlands mee.

3. Arjen Robben

Via het jeugdteam van FC Groningen kwam Arjen Robben in het jaar 2000 – op 16-jarige leeftijd – in ht eerste team van deze voetbalclub terecht. Lang wisten de Groningers hem niet vast te houden. Zowel Ajax, Feyenoord als PSV toonden vanwege zijn hoge doelsaldo’s namelijk interesse in de talenten van Robben.

Uiteindelijk was het PSV, die de beste deal op tafel legde, waardoor deze club twee seizoenen lang zijn nieuwe thuis werd. In de jaren daarna speelde hij achtereenvolgens bij het Engelse Chelsea, het Spaanse Real Madrid en het Duitse Bayern München.

Bij deze laatstgenoemde club leek hij zijn draai goed gevonden te hebben, want hij was er maar liefst tien opeenvolgende seizoenen actief.

4. Ruud Gullit

Het profdebuut van Ruud Gullit vond in 1979 plaats, toen hij voor de destijds nog bestaande eredivisieclub HFC Haarlem op de grasmat verscheen. Halverwege 1982 maakte hij de overstap naar Feyenoord, waar hij drie seizoenen voetbalde, gevolgd door twee seizoenen PSV.

Bij deze laatstgenoemde club sleepte hij samen met zijn teamgenoten gedurende twee achtereenvolgende jaren de landstitel in de wacht. Medio 1987 verhuisde Gullit naar Italië, om in eerste instantie voor AC Milaan uit te komen.

Tot aan het einde van het seizoen 1994/1995 beleef hij onderdeel van de Italiaanse competitie, waarin hij twee keer AC Milan inruilde voor Sampdoria. De laatste drie jaar van zijn profcarrière speelde Gullit bij het Engelse Chelsea.

5. Willem van Hanegem

Willem van Hanegem maakte in 1968 zijn entree in het Nederlandse profvoetbal, toen hij in dat jaar voor Feyenoord ging spelen. Na acht seizoenen bij deze Rotterdamse club furore gemaakte te hebben, stapte hij over naar AZ‘67, waar hij drie seizoenen volmaakte.

Vervolgens maakte Van Hanegem een internationaal uitstapje naar het Amerikaanse Chicago Sting, maar keerde korte tijd later weer terug in de Nederlandse competitie. Daar kwam hij achtereenvolgens voor FC Utrecht en Feyenoord uit. Voor het nationale elftal deed Van Hanegem aan 52 interlands mee.

Na zijn profcarrière ging hij in de voetballerij verder als (assistent-)trainer voor onder meer Sparta, Feyenoord, FC Utrecht en AZ.

6. Dennis Bergkamp

Beeld: Flickr / Nick

Via de jeugdopleiding van Ajax kwam Dennis Bergkamp in 1986 als invaller in het eerste team van deze Amsterdamse topclub terecht. Vanaf de start van het seizoen 1987/1988 kreeg hij er een basisplaats en bleef hij Ajax vijf jaar trouw.

Na de zomer van 1993 maakte Bergkamp de overstap naar Inter Milaan, waar hij vervolgens twee seizoenen mee zou draaien. Hierna volgde een transfer naar het Britse Arsenal, dat hij tot het einde van zijn profcarrière trouw bleef.

Dennis Bergkamp speelde 79 keer voor het Nederlands elftal en scoorde tijdens die wedstrijden in totaal 37 goals.

7. Frank Rijkaard

In tegenstelling tot tal van andere profvoetballers was Frank Rijkaard lange tijd behoorlijk honkvast. Ondanks het feit dat PSV in 1986 aan hem begon te trekken, lukte het Ajax toch om Rijkaard nog zo’n anderhalf jaar langer binnen de eigen gelederen te houden.

Tijdens het seizoen 1987/1988 kwam er toch een voorlopig einde aan z’n lange Ajax-carrière, omdat de voetballer het aan de stok kreeg met trainer Johan Cruijff. Via een contract met het Portugese Sporting CP werd hij vervolgens aan het Spaanse Real Zaragoza uitgeleend. Na de EK-winst van Nederland in 1988 maakte hij de transfer naar AC Milaan, waar hij samen met Ruud Gullit en Marco van Basten het gouden Nederlandse trio van het team vormde.

Na vijf seizoenen in Milaan gespeeld te hebben keerde hij terug naar Ajax, waar hij zijn profcarrière na twee aanvullende seizoenen afsloot.

8. Virgil van Dijk

In eerste instantie zette FC Groningen Virgil van Dijk in al aanvaller. Later dat jaar werd duidelijk dat de profvoetballer beter functioneerde als verdediger. Een positie die hem uiteindelijk flink wat geld op zou leveren. Na twee jaar het Groningse team versterkt te hebben, maakte Van Dijk in 2013 de overstap naar het Engelse voetbal.

Daar kwam hij in eerste instantie uit voor Celtic en twee jaar later voor Southampton. In 2017 begon Liverpool interesse te tonen in deze Nederlandse topper. De club bleek bereid te zijn om ruim 84 miljoen euro neer te tellen voor zijn transfer. Daarmee werd Van Dijk in één klap de op een na duurste verdediger ter wereld.

9. Wesley Sneijder

Als Wesley Sneijder in het veld wordt opgesteld, dan is dat meestal als aanvallende middenvelder. De in Utrecht geboren voetballer begon in 2002 als prof bij Ajax. Na vijf seizoenen bij deze Amsterdamse club gespeeld te hebben, lonkte het buitenland en maakte hij de overstap naar Real Madrid.

Twee jaar later kwam hij bij Inter Milaan terecht en in de jaren na zijn Italiaanse avontuur voetbalde hij achtereenvolgens bij het Turkse Galataray, het Franse OGC Nice en het Qatarse Al-Gharafa. Voor het Nederlands elftal was hij er 134 keer bij en scoorde hij 31 keer.

10. Ronald Koeman

Tijdens zijn profcarrière speelde Ronald Koeman in 533 competitieduels, waarin hij in totaal 193 doelpunten wist te scoren. In de periode dat hij in Nederland voetbalde, werd hij samen met zijn ploeggenoten 4 keer landskampioen. Eén keer voor Ajax en drie keer voor PSV.

Met PSV won hij in het seizoen 1987/1988 ook de Europacup I. Datzelfde lukt hem en zijn team nog een keer in het seizoen 1991/1992, toen hij bij FC Barcelona speelde. Koeman was er overigens ook bij toen Nederland in 1988 het EK won.

Na zijn profcarrière als voetballer werd hij trainer voor diverse Nederlandse én buitenlandse clubs.

Wat vond je van dit artikel?

Top 10 Beste 90’s Hits

Top 10 Eredivisie Clubs Met De Meeste Marktwaarde